Hoe begin je een zakelijk gesprek?

Wekelijkse overtuigtipToon interesse in je gesprekspartner. Praat over koetjes en kalfjes. Vraag of iemand vakantieplannen heeft. Hoe het met haar kinderen gaat. En als je iemand voor het eerst spreekt: vraag eens door over een opvallend attribuut — een foto, certificaat of tennisracket — in de werkkamer van je gesprekspartner.

Begin dus liever niet met de vraag: ‘En, hoe staan de zaken?’ Het lijkt een geïnteresseerde vraag, maar misschien vindt jouw gesprekspartner het helemaal niet leuk om daarover te praten. Voordat je het weet vertelt iemand tien minuten over economische tegenslag en gedwongen ontslagen. Laat je gesprekspartner daarom uitgebreid aan het woord over een onderwerp waar hij met plezier over vertelt.

Waarom dit werkt

Beslissingen worden in eerste instantie op basis van gevoel genomen. Jouw gesprekspartner moet jou die opdracht ook daadwerkelijk gunnen. Daarna pas gaat hij op zoek naar argumenten om zijn gevoel te rechtvaardigen. Aristoteles schreef het al: door interesse te tonen in je doelgroep word je sympathieker. Je vergroot zo je geloofwaardigheid (ethos).

Je voorkomt bovendien dat iemand de sfeer van het vorige gesprek meeneemt in dit gesprek. Misschien heeft je gesprekspartner net een heel vervelend gesprek gehad, of een hele suffe vergadering. Door eerst over koetjes en kalfjes te praten kun je deze stemming veranderen.

Elke week stuurt Debatrix een overtuigtip waarmee jij je arsenaal aan overtuigingstrategiën kan vergroten! Meld je hier aan om ze elke woensdagmiddag per e-mail te ontvangen!

Plaatsen/stemmen op NUjij Plaatsen/stemmen op eKudos Plaatsen/stemmen op MSN Reporter Plaatsen/stemmen op Digg Voeg dit artikel toe aan Del.icio.us Voeg toe aan je favorieten op Technorati Voeg toe aan je Google bladwijzers Verstuur deze pagina per e-mail via Feedburner

Post to Twitter

Deze overtuigtip verscheen eerder hier.

2 reacties op “Hoe begin je een zakelijk gesprek?”

  1. Eric Stam zegt op 18 juli 2009 om 15:51 :

    Een fijne tip Lars. Met name dat idee over attributen ga ik onthouden. Maar hoe gaat het dan precies verder? Ik stel me zo voor dat je dan zou kunnen vragen: “Goh, ik zie een tennisracket. Speel je ook tennis?” Is dat het soort small talk dat je hier voor ogen hebt?

  2. Lars Duursma zegt op 20 juli 2009 om 15:27 :

    Zo zou je het inderdaad kunnen aanpakken. Jouw aanpak is weinig subtiel :) maar waarschijnlijk wel effectief. Mensen zetten vaak namelijk niet zomaar iets in hun werkkamer. De objecten in iemands kamer zeggen vaak veel over iemands smaak, hobby’s en levensstijl.

Laat een reactie achter